Archive for oktober, 2006

h1

Luchtbellen met geheugen nuttig voor zwart gat-onderzoek

oktober 22, 2006

luchtbel (zwart) die een spuitmond verlaat Natuurkundigen van de Universiteit van Chigago hebben ontdekt dat luchtbellen kunnen onthouden wat de omstandigheden waren toen ze werden gevormd en dat dit een soort van geheugen van de luchtbellen is. De situatie bij het ontstaan van een luchtbel als deze een ‘spuitmond’ verlaat wordt een singulariteit genoemd, waarbij de fysieke parameters naar oneindig neigen. In het geval van een luchtbel worden spanning en druk erg groot (niet oneindig natuurlijk). Volgens het team onder leiding van Sidney Nagel heeft het onderzoek aan de luchtbellen ook konsekwenties voor andere verschijnselen waarin singulariteiten voorkomen, zoals bij de vorming van zwarte gaten. Op 3 oktober 2006 verscheen een artikel (met de titel Breakup of Air Bubbles in Water: Memory and Breakdown of Cylindrical Symmetry) over het onderzoek in Physical Review Letters , welke ook hier te lezen is.
Tot nu toe dachten natuurkundigen altijd dat de luchtbel volkomen symmetrisch was ongeacht de initiŽle omstandigheden bij het ontstaan ervan. Maar videobeelden van Nagel en collega’s van luchtbellen die uit spuitmonden van 1,5 en 4,1 mm groot werden ‘geschoten’ tonen aan dat de bellen niet symmetrisch zijn. Ze merken de vorm, grootte en spuithoek van de spuitmond en onthouden vervolgens in hun verdere evolutie deze kenmerken (zo’n spuitmond kennen we overigens allemaal, want alle kleurenprinters werken ook met dat soort spuitmondjes, die kleine druppeltjes inkt op het papier schieten). De videocamera die het allemaal in beeld bracht kon 130.000 beeldjes per seconde schieten! Die wezen uit dat de luchtbellen bij wisselende initiŽle omstandigheden een asymetrie vertoonden die behouden bleef. Volgens een ander teamlid, Nathan Keim, betekent dit experiment dat ook andere singulariteiten, zoals van zwarte gaten, een vorm van geheugen kunnen hebben. De initiŽle omstandigheden van een zwart gat, in de meeste gevallen een supernova-explosie van een zeer zware ster, kunnen dus een soort van stempel hebben achtergelaten in de singulariteit, de kern van het zwarte gat. Zo’n stempel zou dan dus gegevens kunnen verschaffen over die initiŽle omstandigheden. En zo kunnen we dankzij luchtbellen meer te weten komen over zwarte gaten! Mmmmm, ik ga toch maar es die bellenblaas van m’n jongste kind tevoorschijn halen:-)) Bron: Physicsweb.Org.
En aldus besluit ik alweer de 250e astroblog! Is dat geen feestje waard?

Advertenties
h1

Bruine dwerg direct waargenomen

oktober 21, 2006

Bruine dwerg HD 3651B in de cirkel Sterrenkundigen zijn er in geslaagd om rechtstreeks een bruine dwerg waar te nemen, een begeleider van de ster HD 3651, op een afstand van 36 lichtjaren in het sterrenbeeld Vissen (Pisces). Eerder was al bekend dat er om HD 3651 een planeet cirkelt met een massa die minder is dan die van Saturnus. Voor het eerst is er nu dus een ster ontdekt waar zowel een planeet omheendraait als een bruine dwerg. Bruine dwergen zijn eigenlijk mislukte sterren, want ze hebben te weinig massa om te komen tot kernfusie in hun centrum. De minimumgrens daarvoor is 0,08 zonsmassa. Dwergsterren die daar net boven zitten heten rode dwergen.
De bruine dwerg, die HD 3651B wordt genoemd, werd al in 2003 gespot met de 3.8-m United Kingdom Infrared Telescope (UKIRT) in HawaÔ en in 2004 en 2006 bevestigd door waarnemingen met de 3.6 m New Technology Telescope (NTT) op La Silla. Het waarneemteam stond onder leiding van Markus Mugrauer. Het team denkt dat de massa van HD 3651B tussen 20 en 60 jupitermassa’s ligt en de oppervlaktetemperatuur tussen 500 en 600 graden Celcius. Bron: ESO.

Nogmaals dubbelsterren Dubbelster Alcor en Mizar
Zo’n ‘gewone’ ster en daar omheencirkelend een bruine dwerg en een planeet is een voorbeeld van een meervoudig stersysteem. Gisteravond heb ik een presentatie gegeven over dubbelsterren voor sterrenkundevereniging Christiaan Huygens. Voor de liefhebbers is de presentatie (een powerpoint) hier te downloaden (let op: 5,8 Mb groot). Wie wat lijstjes wil bekijken met mooie dubbelsterren kan terecht bij de volgende sites:

Ik zou zeggen: downloaden die lijstjes en bekijken maar die mooie dubbelsterren!

h1

77-jarige Duitser gewond door meteoriet

oktober 20, 2006

Teletekst en nu.nl melden vanmiddag het volgende: “De inslag van een kleine meteoriet heeft vrijdag waarschijnlijk een brand veroorzaakt in een tuinhuisje bij een volkstuin in Troisdorf, vlakbij de Duitse stad Bonn. Een 77-jarige man die in het tuinhuisje overnachtte, liep ernstige brandwonden op. De brandweer tastte in eerste instantie in het duister over de oorzaak van de brand, meldde de politie. De inslag van een meteoriet was uiteindelijk de enige verklaring, hoewel er geen restanten van het ruimtebrokstuk zijn teruggevonden.”
Ik neem het nieuwsbericht maar even integraal over, want erg veel tijd heb ik niet. Vanavond heb ik namelijk een presentatie voor sterrenkundevereniging Christiaan Huygens over dubbelsterren. Nou ja, eigenlijk is het een slecht weer-alternatief, d.w.z. dat het een waarneemavond is rondom het thema dubbelsterren. Als het slecht weer is dan houd ik die presentatie. Maar in de meeste gevallen wordt zo’n presentatie toch wel gegeven, tenzij het echt zo verschrikkelijk kraakhelder buiten is dat iedereen zich binnen afvraagt ‘wat doe ik hier???’ Als ik zo naar buiten kijk zal die presentatie echt wel doorgaan. Nog even wat powerpointsheets doornemen, happie eten en dan naar de club. Op de tekening hierboven een inslaande meteoriet. Die was alleen een tikkeltje groter dan degene die die Duitser op z’n kop kreeg.

Nieuwsmelding vandaag in de Badische Zeitung Online

h1

M32 is 210 miljoen jaar geleden gebotst op het Andromedastelsel

oktober 19, 2006

Infraroodopname van de ring van gas en stof in M31 Het bekende Andromedastelsel (M31) in het gelijknamige sterrenbeeld Andromeda, buurstelsel van ons Melkwegstelsel, ziet er in telescopen zo vreedzaam en rustig uit. Maar schijn bedriegt. Astronomen hebben namelijk met behulp van de infrarood ruimtesatelliet Spitzer bewijs ontdekt van een frontale botsing langgeleden tussen M31 en een naburig dwergsterrenstelsel, M32. Vandaag, 19 oktober,verschijnt in het Britse wetenschappelijke tijdschrift Nature een artikel over de ontdekking (en alhier te verkrijgen). Het bewijs bestaat uit een niet eerder waargenomen gas- en stofring diep in het Andromedastelsel. De groep astronomen, die onder leiding staat van David Block (Universiteit van Witwatersrand, Johannesburg, Zuid-Afrika), ontdekte de ring met behulp van de Infrared Array Camera (IRAC) aan boord van NASA’s Spitzer Ruimtetelescoop. Eerder was al een buitenste ring in M31 ontdekt op een afstand van ruim 30.000 lichtjaar van het centrum. De nieuw ontdekte ring bevindt zich op zo’n 1.500 lichtjaar van het centrum en heeft afmetingen van ongeveer 3.200 bij 4.800 lichtjaar. De beide ringen zijn vergelijkbaar met de rimpels in het water als er steen in wordt gegooid. Computerberekeningen van het team hebben duidelijk gemaakt dat de botsing zo’n 210 miljoen jaar geleden moet hebben plaatsgevonden en dat M32 via de poolas in botsing met z’n veel grotere buur M31 moet zijn gekomen. M32 en een deel van M31 in gewoon licht, foto Favid Malin Voor M31 betekende zo’n botsing niet zo veel, maar M32 moet door de botsing ongeveer de helft van z’n oorspronkelijke massa zijn kwijtgeraakt. Een animatie van de botsing is voor de liefhebbers hier te bekijken (3,3 Mb groot). Een ‘gewone’ foto van M32 en het zuidelijk gedeelte van M31, zoals gefotografeerd door David Malin, is hiernaast te zien. Ook een juweeltje hoor. M32 is de lichte vlek linksboven.
Sterrenkundigen vermoeden dat over zo’n 5 tot 10 miljard jaar (ze kunnen er een paar miljard jaar naast zitten:-)) de Melkweg en M31 ook zullen botsen. Maar die twee stelsels zijn qua massa ongeveer gelijkwaardig. Vermoedelijk zal die botsing leiden tot de vorming van een groot elliptisch sterrenstelsel. Maar dat duurt nog wel even, dus u kunt gerust gaan slapen. Bron: Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics.

h1

Ruis, Bernini en Huygens

oktober 18, 2006

De oerknal op je TV Soms merk je hoe verweven sterrenkunde zit in de ons omringende wereld. Nee, dan heb ik het niet eens over de koolstof in ons lichaam en de zuurstof in de dampkring die ooit ontstaan zijn in de kernen van een zware ster in de buurt van de zon. Dan heb ik het gewoon over het televisiescherm, dat scherm waar we dagelijks aan gekluisterd zijn. Wat is er precies aan de hand? Gisteravond zat in naar Paauw & Witteman te kijken, de late-night-talkshow die wanhopig probeert om maar niet op Barend & van Dorp te lijken. In de studio was daar ene Simon Roozendaal, die samen met Hein Meijers het boek Het grootste lexicon van nutteloze feiten heeft geschreven. In dat boek staan 2.222 nutteloze feiten. E√©n van die (volgens mij niet zo nutteloze) feiten is dat eerder dan George Smoot en John Mather al twee Amerikanen de nobelprijs voor de natuurkunde hebben ontvangen voor onderzoek aan de oerknal, de Big Bang waarmee het heelal is ontstaan. Dat waren Penzias en Wilson, die halverwege de jaren zestig de ruis detecteerden met een radiotelescoop. Die ruis is het koude overblijfsel (drie graden boven het absolute nulpunt van -273 graden Celcius) van die hete oerknal. En nou komt het: die ruis is gewoon op je televisie te ontvangen! Jazeker, gewoon op je allerdaagse TV. Hoe? Stem je tv af op een leeg kanaal. Ongeveer √©√©n procent van de ‘sneeuw’ op het scherm wordt veroorzaakt door de overgebleven ruis van de oerknalstraling. Dat was wat die Simon Roozendaal gisteren aan de stamtafel bij Paauw en Witteman verkondigde. En da’s g√©√©n nutteloos feit, da’s gewoon God recht in z’n gezicht kijken, zoals Roozendaal het zelf formuleerde. Religie gecombineerd met wetenschap, zo af te lezen in de sneeuw op je TV. Mooi toch?

Het Bernini Mysterie
Frank LindeEen ander overblijfsel van de oerknal is antimaterie. In het bekende boek ‘het Bernini Mysterie’ van Dan Brown speelt dat een belangrijke rol als brandstof voor een wapen. Gisteren stond er in NRC-handelsblad een interview met astrodeeltjesfysicus Frank Linde, directeur van het NIKHEF, over dat boek √®n over antimaterie. Volgens hem zou in theorie zo’n bom wel gemaakt kunnen worden, maar voor de benodigde 1 gram antimaterie zou de grootste deeltjesversneller ter wereld, CERN in Gen√®ve, 2 miljard jaar nodig hebben om dat te produceren. Op zaterdag 21 oktober zal Linde een voordracht geven over ‘het Bernini Mysterie: tussen fantasie en werkelijkheid‘ in het FOM-Instituut voor Subatomaire Fysica, Kruislaan 409 in Amsterdam. Een ieder die dat wil bijwonen is welkom. De lezing is om 14.30 uur. De hele middag tussen 12 en 17 uur zijn er demonstraties, lezingen en is er een pretlab. Zie www.wetenweek.nl voor meer info. Dezelfde dag hebben meer instituten een open dag. Bron: NRC-Handelsblad.

Waar is Christiaan Huygens gebleven?
Vandaag stond in NRC-Handelsblad een ingezonden stuk van de hoogleraren Robbert Dijkgraaf en Louise O.Fresco over de canon van de Nederlandse geschiedenis die afgelopen maandag is gepresenteerd. Dijkgraaf en Fresco zeggen in het stuk wat ik afgelopen dinsdag ook al in m’n astroblog schreef: waarom is Eise Eisenga, de amateur-sterrenkundige uit Franeker, opgenomen in de canon en niet de belangrijkste natuurwetenschapper uit de Nederlandse geschiedenis Christiaan Huygens? Dus ook de gevestigde wetenschappelijke orde, om het zo maar even te noemen, komt in het geweer tegen deze omissie van de commissie van Frits Oostrom. Bron: NRC-handelsblad.

Kaart van Slangendrager

h1

Ook sterrenkunde in de canon van Nederland

oktober 17, 2006

Het planetarium van Eisinga in Franeker, onderdeel van de Nederlandse canon Gisteren is door de Commissie Ontwikkeling Nederlandse Canon onder leiding van Frits van Oostrom de canon van Nederland gepresenteerd. In die canon staan de vijftig hoogtepunten uit de Nederlandse geschiedenis. Alle media, van de kranten tot het NOS-journaal en van Nova tot Pauw & Witteman, besteedden aandacht aan deze canon. In de vijftig onderwerpen, die starten bij de hunebedbouwers (3.000 jaar voor Christus) en eindigen bij de Europese eenwording na 1945, komt ook sterrenkunde voor! In de lijst van ‘vijftig vensters van de geschiedenis’ staat op nummer 25 namelijk Eise Eisenga – de Verlichting in Nederland, 1744-1828. Hieronder op de wandkaart van de canon staat het planetarium precies in het midden. Eise Eisinga was een Friese amateur-astronoom die in zijn eigen huis in Franeker een planetarium bouwde, dat tegenwoordig geldt als het oudste werkende planetarium ter wereld. De website van de canon-commissie geeft over Eisenga en z’n planetetarium goede informatie, compleet met verwijzingen naar links voor het onderwijs, en foto- en videomateriaal. Voor onderwijzend Nederland een uitstekende manier om meer te weten te komen over Eise Eisenga. De site biedt de gelegenheid om te reageren op de canon. Iemand had al geschreven of ook niet Christiaan Huygens kon worden opgenomen. Ja, da’s natuurlijk ook een naam van formaat, die heel veel heeft betekend voor de wetenschap. Het beste was natuurlijk geweest als Eisenga √®n Huygens er in stonden, maar ja, d’r moet ook wat te wensen overblijven. De commissie heeft zelf uitdrukkelijk verklaard de canon als ‘open en dynamisch’ te zien en niet als een keurslijf en dictaat. Wijzigingen zijn dus mogelijk.
Er zit trouwens nog een stukje sterrenkunde in de canon van Nederland: op nummer 20 vinden we de Atlas Major van Willem Janszoon Blaeu (1662). Die beroemde kaartenmaker blijkt z’n leertijd bij de beroemde Deense astronoom Tycho Brahe te hebben doorgebracht. Aldus de website van de canon. Goh, weer wat geleerd. En zo zien we dat die canon nu al z’n vruchten begint af te werpen. Goed idee!! Bron: entoen.nu.

Wandkaart van de canon van Nederland

h1

Het standaardmodel van elementaire deeltjes ter discussie?

oktober 16, 2006

Penguindiagram van het verval van een B-meson In navolging van mijn verhaal gisteren over de ruzie onder natuurkundigen over de snaartheorie vandaag een (klein) vervolg daarop: op de website Physorg.com las ik een artikel over het Standaard Model (SM) van de elementaire deeltjes. In 1974 bedacht door Georgi en Glashow, die daar later de Nobelprijs voor de natuurkunde voor ontvingen, is dit door zowat alle natuurkundigen omarmt als hèt model voor de elementaire deeltjes. Dáár is geen discussie over en dat model is aan alle kanten ook door experimenten geverifieerd. Maar nu dus dat artikel op Physorg.com! Wat blijkt het geval: experimentalisten hebben via onderzoek ontdekt dat in het verval van de zogenaamde B mesonen (nee, nou even geen zin het allemaal uit te leggen; komt nog wel een keertje) een afwijking is geconstateerd van de waarde die door het SM is voorspeld. Conclusie van de onderzoekers Rahul Sinha, Basudha Misra en Wei-Shu Hou is dat er een héél klein scheurtje zit in het bastion van de SM.
De B-mesonen zijn bijzondere kort levende elementaire deeltjes, die via de zwakke wisselwerking (√©√©n van de vier natuurkrachten, naast de zwaartekracht, de electromagnetische wisselwerking en de sterke wisselwerking) in quarks kunnen vervallen (zie het zogenaamde Pinguindiagram hierboven waarin dat proces is weergegeven). Het verval van de B-mesonen werd gemeten in twee gerenomeerde onderzoekscentra, het Stanford Linear Accelerator Center en het High Energy Accelerator Research Organization in Japan. In het artikel dat de drie publiceerden in Physical Review Letters schrijven ze “we have shown that it is impossible to explain within SM the observed discrepancy in [the B meson] mixing phase measured using the [two] modes”. Nou, ik garandeer de lieve Astrobloglezers: dat komt hard aan in de wereld van de natuurkundigen. Niet dat de SM natuurlijk direct in de vuilnisbak moet, zo is het niet, maar er moet wel een soort van reparatie plaatsvinden. Het artikel op Physorg.com en ook in de Phys.Rev.Letters rept van ‘nieuwe natuurkunde’ die er moet komen, natuurkunde ‘voorbij het SM’. De laatste tijd stuiten natuurkundigen sowieso op de grenzen van het SM, want ook zaken zoals donkere materie en donkere energie kunnen niet verklaard worden door het SM. En zo zijn we via een omweggetje weer bij de sterrenkunde beland, want dat is toch even de core-business van deze weblog. ūüôā Over sterrenkunde gesproken: vanmorgen zag ik om 7.15 uur toen ik onderweg naar m’n werk was in het zuidoosten de maan staan samen met Saturnus. Was wel mooi om te zien. Maar ja, de buschauffeur is onverbitterlijk, dus ik moest opschieten. Morgenochtend is er ook een samenstand en wel van de maan met de hoofdster van Leeuw, Regulus. Kijk hier maar eens.
Wie overigens dat oorspronkelijke artikel van Rahul Sinha, Basudha Misra en Wei-Shu Hou wil lezen, met de welluidende titel “Has New Physics already been seen in Bd meson decays?” kan hier terecht. Bron: PhysOrg.com.